vrijdag 12 augustus 2011

Dag 39: Karijini NP








De nacht heeft inderdaad voor wat koude tenen gezorgd, om het zacht uit te drukken.
Na een flink ontbijt beginnen we aan de eerste wandeling door Waeno Gorge. We zien eerst Oxer en Junction Pool van bovenaf. Bij die pools kan je als gewone wandelaar niet geraken. Je hebt er touwen, klimgerief en een speciale toelating voor nodig. En je moet ook begeleid zijn door iemand die ervaring heeft met abseilen en rots klimmen. Maar het lijkt wel leuk.
Wij gaan dus maar gewoon doen en gaan tot waar we als simpele stervelingen kunnen geraken. We dalen af in de gorge en komen aan een kleine rivieroversteek. Hier moet je tot aan je billen in het water om naar de overkant te geraken en verder te kunnen. Maar het water heeft ijstemperaturen en Rune en ik hebben meteen pijn aan onze benen. Ik geraak er niet door. Filip en de twee andere gaan door. Dan ontdekken Rune en ik een shortcut over de rotsen. Eigenlijk niet toegelaten, maar tot voor kort was het een bestaande track. We klimmen over de rotsen en kunnen zo het ijskoude water vermijden. Intussen zijn Filip, Luna en Senne al tot aan de Handrail Pool geraakt. Je moet door een smalle kloof het water volgen tot aan een watervalletje. Daar is een railing tegen de rots gemaakt die je toelaat om in een soort bergholte te geraken waar et water in een poll stort. Vandaaruit gaat het verder naar Oxer en Junction Pool maar dat is zoals gezegd weggelegd voor de betere klimmers.
Wat een chique wandeling weer! Deze keer nemen we allemaal het verboden paadje terug en komen zo met droge voeten aan de auto voor de lunch.
In de namiddag doen we de wandeling in Hancock Gorge. Ook een leuke, daar moet je schuin tegen de wand van de kloof wandelen. Aan Kermits Pool kan je nog verder langs de Spider trail. Je moet handen en voeten gebruiken om door de hele smalle kloof te klauteren om weer in een mooi verborgen stukje te geraken. Luna eindigt in het water maar de beloning van het klimwerk doet de natte voeten snel vergeten.
We pikken daarna nog Kalamina Gorge mee, een bredere kloof met platte rotsen. Dit is de gemakkelijkste wandeling van de drie en een perfecte afsluiter.  De avond is zachter vandaag en het avondmaal wordt weer verorberd op het kampterrein.
Karijini NP is de moeite van de omweg zeker waard.

Dag 38: Port Hedland-Karijini NP


’s Morgens pakken we alles weer in en rijden Port Hedland binnen. Een rustige stad, die leeft van de mijnindustrie. Grote schepen wachten hier op enorm lange treinen die van heinde en ver komen, volgeladen met ijzererts. De langste trein die hier ooit aankwam, was 3,6 km lang. De schepen vertrekken dan richting alle werelddelen. De haven is behoorlijk indrukwekkend. We lunchen hier na een korte stop in het informatiecentrum, waar we ook wat weetjes meepikken over de stad en de industrie. Na een mooie rit door het dorre mijnlandschap, weg van de oceaan, komen we aan in Karijini NP, een van de grote toeristische trekpleisters van WA en het tweede grootste nationaal park van de staat. We hebben nog tijd om een aantal gorges te bekijken: we gaan naar de lookouts van Dales Gorge en Circular Pool. En we pikken ook Fortescue Falls mee. De camping ligt nog 35 km verder in het park; de leukste wandelingen liggen daar in de buurt. Maar die zijn voor morgen. De grond is beenhard, het is echt niet leuk om de tenten op te slaan. Bijgevolg slaan we er maar eentje op en slapen wij in de voortent. En het is hier verdikke koud. Dat belooft!

Dag 37: Broome-Port Hedland


Rijdag vandaag. We willen tot in Port Hedland geraken, zo’n 560 km zuidelijker. Hoogstwaarschijnlijk vinden we daar geen slaapplaats. Port Hedland is een industriestad, er zijn weinig of geen toeristische trekpleisters zoals mooie stranden en dus ook weinig campings of caravan Parks. En tijdens de hele rit naar daar is er geen telefoon- of internetbereik. Als we uiteindelijk toch kunnen bellen, blijkt inderdaad alles volzet. We stoppen dan maar langs de kant van de weg en slaan onze tent op. Gelukkig zijn we daar helemaal op voorzien, we hebben eten, water en zelfs het schepje voor een wc-bezoek hebben we bij de hand. De koeien die er loslopen, zorgen voor wat vreemde geluiden, maar we maken nog een vuurtje en genieten van een heerlijke, frisse nacht. We voelen dat we binnenkort onze mutsen weer gaan nodig hebben.
 

Dag 36: Broome

Vandaag willen we nog wat genieten van de stad zelf. We bezoeken wat gallerijen en wat winkeltjes. In de namiddag gaan we naar het strand, genieten we van het mooie weer en doen wat typische stranddingen.
’s Avonds doen we het weer eens wat anders: we gaan eten maken op het strand. Je mag hier namelijk rijden op het strand en we gaan een heel stuk weg van de bewoonde wereld (het strand is 27 km lang). We genieten nog eens van een super zonsondergang en koken ons eigen lekkere potje achter de auto. Wat een heerlijke maaltijd. Enige probleem: de zee komt op en onze tafel staat net iets te dicht bij het water. Tijdens ons dessert en als het al lang pikkedonker is, moeten we gauw met natte voeten inpakken en wegwezen, voor we helemaal wegspoelen.



Dag 35: Broome

De volgende morgen moet de auto naar de garage. Hij moet een onderhoud krijgen na al die kilometers en een aantal stukken moeten worden vervangen. Intussen blijven we rustig op de camping wat relaxen, lezen, spelen, wassen.
Om 16u worden we weer verwacht op Cable Beach: we gaan kameel rijden op een dromedaris op het strand bij zonsondergang. En dat levert natuurlijk schitterende plaatjes op.





Dag 34: Middle Lagoon-Broome

Senne speurt de hele camping af, maar geen sandaal te vinden. Ik zal niet vertellen welke woorden ik allemaal (binnensmonds) gebruik. Dat betekent immers weer nieuwe sandalen zoeken en heel veel tijd om te shoppen hebben we niet.  Dorie.
Vandaag gaan we terug naar Broome. Met spijt in het hart wordt er ingepakt , we beseffen eens te meer dat we op sommige plaatsen echt wel wat meer tijd hadden willen doorbrengen. Maar onze tijd is beperkt, jammer. We stoppen onderweg terug in Beagle Bay, 60 km verder, de enige plaats in de buurt waar je kan tanken (en dan hebben we het over ongeveer 100 km omtrek). Tegelijk wil ik nog een kijkje gaan nemen op de plek waar we twee dagen eerder gepicknickt hebben en waar ik Senne het laatst met iets aan zijn voeten heb gezien. Wie weet... 

En ja, het geluk is aan mijn kant. Ongelooflijk maar waar, op het gras ligt een blauwe sandaal te wachten op een lift. Hij wordt met veel plezier verenigd met zijn tweelingbroer, gelukkig dat ik die nog niet had weggegooid…
Rond 16 u zijn we terug in Broome, op dezelfde camping, om het onszelf makkelijk te maken. Ons tentplekje is nu nog mooier gelegen, het uitzicht is onbetaalbaar. We douchen en maken ons voor het eerst in weken een beetje meer op. We hebben immers een tafel geboekt in een sjiek restaurant aan Cable Beach. Na al die tijd zelf koken aan een klein tafeltje op een klein gasvuurtje, doet dit wel eens deugd. We genieten met volle teugen van het lekkere eten, de omgeving, de lekkere temperaturen en het gezelschap. We sluiten de avond af met een wandelingetje langs het strand.